
‘Zorg dat je ieder kind bij zijn naam noemt’
Wat doe je als twee kinderen tijdens je uitleg steeds aan elkaar zitten? Boos worden? Waarschuwen? Of kun je iets anders proberen? Pedagogisch coach Aad Zuurbier helpt trainers om bewust naar dit soort momenten te kijken. Samen onderzoeken ze wat er precies gebeurt en welke mogelijkheden er zijn. Precies daarin zit volgens hem de kracht van de training SuperCoaches.
Aad weet hoe het is om voor een groep te staan. Hij werkte jarenlang als leraar en was voetbal- en rugbytrainer. Inmiddels leidt hij trainers op en is hij als pedagogisch coach betrokken bij SuperCoaches. Toen hij voor het eerst kennismaakte met de methode, herkende hij veel.
Ik dacht meteen: dit is hoe ik zelf met mensen omga en mijn trainingen wil geven. Alleen is er nu een model van gemaakt. Dat geeft trainers gereedschap om te reflecteren en het de volgende keer anders te doen.”
Waarom deed je wat je deed?
Want als trainer reageer je de hele tijd op wat er gebeurt. Een kind luistert niet, twee spelers leiden elkaar af of iemand wordt boos. Op zo’n moment doe je wat voor jou als vanzelfsprekend voelt.
SuperCoaches helpt trainers om daar bewust op terug te kijken. Wat zag ik? Wat deed ik? Waarom koos ik daarvoor? En werkte het? “Als ik trainers coach, vertel ik niet of iets goed of fout was. Ik vraag: waarom koos je hiervoor? Werkte dat? En wat had je nog meer kunnen proberen?”
Aad ziet dat trainers vaak naar dezelfde oplossing grijpen. Terwijl er meer mogelijkheden zijn. “Neem een kind dat verdrietig is. Je kunt proberen het af te leiden. Maar je kunt ook zeggen: ‘Ik zie dat je echt verdrietig bent.’ Alleen al het gevoel erkennen en benoemen, kan een opening geven.”
Kijk ook naar je training
Soms ligt de oplossing helemaal niet bij het kind. Aad geeft een simpel voorbeeld: als trainer laat je kinderen in een rijtje wachten. Ze vervelen zich, gaan aan elkaar zitten en krijgen ruzie. En dus moet je ingrijpen. “Terwijl het eigenlijk mijn schuld is. Want ik heb ze in een rijtje gezet.”
Wie goed nadenkt over zijn training én een band opbouwt met kinderen, hoeft minder vaak boos te worden, te corrigeren of te straffen. “Dat maakt training geven makkelijker. En daardoor houd je energie over voor de dingen die leuk zijn.”
Een club waar je je thuis voelt
SuperCoaches levert volgens Aad meer op dan alleen een veilig sportklimaat voor kinderen. Ook voor trainers wordt de club een fijnere plek. Zeker als zij samen blijven praten over wat er op het veld gebeurt.
Aad hoopt daarom dat trainers zich kwetsbaar durven opstellen. “Ik hoop dat ze tegen elkaar durven zeggen: ‘Ik zag dit gebeuren, waarom koos je voor deze aanpak?’ Dat is best ingewikkeld. Maar uiteindelijk wil je dat trainers elkaar daarin coachen.”
En dan is er nog een voordeel voor de vereniging: ledenbehoud. Aad ziet dat clubs veel energie steken in het werven van nieuwe leden. Maar minstens zo belangrijk is dat leden willen blijven. “Als kinderen zich veilig voelen, zichzelf kunnen zijn en gezien worden, voelen ze zich thuis. Dat is een reden om langer bij een club te blijven.”
Bouw een bandje
Wat moet een trainer die morgen weer op het veld staat volgens Aad als eerste doen? Zijn antwoord is eenvoudig: “Zorg dat je de naam van ieder kind in je groep een keer noemt. Bij SuperCoaches noemen we dat ‘een bandje bouwen’. Maak contact. Geef een box. Vraag hoe iemands weekend was. Laat merken dat je een kind ziet. Want er staan kleine mensjes voor je, die allemaal even gezien willen worden.”
Wil jij net als Aad een SuperCoach worden?
Volg samen met je collega-trainers en -coaches gratis de training SuperCoaches, bij jou op de sportclub of vanuit huis.

